In de beschikking van de Rechtbank Oost-Brabant van 5 september 2025 (ECLI:NL:RBOBR:2025:5713), stond een verzoek centraal om de kinderalimentatie te verhogen. De moeder stelde dat het inkomen van de vader was gestegen en dat de kosten van de kinderen waren toegenomen. Wij hebben dit namens vader betwist en gesteld dat moeder haar verzoek onvoldoende had onderbouwd.

Het verzoek en de stelplicht

Artikel 1:401 lid 1 BW bepaalt dat een bijdrage in het levensonderhoud kan worden gewijzigd als latere omstandigheden maken dat de oorspronkelijke regeling niet langer voldoet aan de wettelijke maatstaven. Namens vader heb ik gesteld dat het aan moeder als verzoekende partij is om te stellen én te onderbouwen dat sprake is van gewijzigde omstandigheden die een aanpassing rechtvaardigen. Moeder had nagelaten om de behoefte van de kinderen en haar eigen inkomen concreet te onderbouwen. Zij stelde slechts dat het inkomen van de vader was gestegen en de kosten van de kinderen waren toegenomen, zonder dit met stukken te staven. Ondanks verzoeken om nadere informatie, bleef de moeder in gebreke.

De uitspraak

De rechtbank wees het verzoek dan ook af wegens onvoldoende onderbouwing en het niet voldoen aan de stelplicht (rov. 3.2-3.6). De ratio van deze beslissing is duidelijk: wijzigingsverzoeken voor kinderalimentatie (en alle andere verzoeken) moeten zorgvuldig worden onderbouwd met concrete gegevens. Dit voorkomt willekeurige of lichtvaardige verzoeken en waarborgt een eerlijke belangenafweging.

In de praktijk kan de rechter in sommige zaken ook ambtshalve onderzoek doen naar relevante feiten. Hier volgt de rechtbank echter, in mijn ogen terecht, de lijn dat de primaire verantwoordelijkheid bij de verzoekende partij ligt. Dit sluit aan bij de procesrechtelijke uitgangspunten van stelplicht en bewijslast. De uitspraak bevestigt dat verzoekers hun stelplicht serieus moeten nemen. Zonder concrete, onderbouwde gegevens dient het verzoek te worden afgewezen.

Voor de rechtspraktijk betekent dit dat een goede dossieropbouw essentieel is. De uitspraak onderstreept het belang van een zorgvuldige proceshouding. Kortom: wie een verzoek doet, moet zijn huiswerk doen.

Contact

Overweegt u een verzoek voor te leggen aan de rechtbank en wilt u weten wat nodig is om uw verzoek correct te kunnen onderbouwen? Neem dan contact op met ons kantoor. Onze advocaten staan klaar om u deskundig te adviseren en te begeleiden.

mr. Anneloes van Tuijn